Ik droomde eens en zie ik liep,
aan 't strand bij lage tij.
Ik was daar niet alleen, want
De Heere liep aan mij zij.
We liepen saam het leven door
en lieten in het zand,
een spoor van stappen, twee aan twee.
Doch de Heere liep aan mijn hand.
Ik stopte en keek achter mij
en zag mijn levensloop,
in tijden van geluk en vreugd,
van diepe smart en hoop.
Maar als ik goed het spoor bekeek
zag ik langs heel de baan,
daar waar het juist het moeilijkst was,
maar één paar voetstappen staan.
Ik zei toen: 'Heere, waarom dan toch?
Juist toen ik U nodig had,
juist toen ik zelf geen uitkomst zag
op het zwaarst van 't pad.'
De Heere keek me toen liefdevol aan
en antwoordde op mijn vragen;
'Mijn lieve kind, toen het 't moeilijkst was,
toen heb Ik jou gedragen.'